Onderzoek met hoge homeopathische potenties
Homeopathische geneesmiddelen worden tijdens de bereiding stapsgewijs verdund en geschud. Dit proces heet potentiëren. Hoge homeopathische potenties kunnen geen farmacologische werking hebben, zoals bij reguliere medicijnen gebruikelijk is.
Fundamenteel onderzoek heeft aangetoond dat geneesmiddelen die zo vaak zijn verdund dat sommigen denken dat er "niets" meer in zit, toch werkzaam blijken te zijn. Dit betekent een doorbraak.
Sinds het begin van deze eeuw wordt in onderzoeken de biologische werkzaamheid van hoge verdunningen bij herhaling bewezen. Wetenschappers pleiten voor verder onderzoek naar de verklaring van de activiteit van deze verdunningen (zie 1,2). De groep van Madeleine Bastide (universiteit van Montpellier) heeft een onderzoekslijn opgezet op immunologisch gebied. (zie 3)
- Neuroprotection from glutamate toxicity with ultra-low dose glutamate
Jonas W., Lin Yu, Tortella F.NeuroReport 12:335-339, 2001.
Blootstelling van zenuwcellen aan ultra-lage doses glutamaat hebben een beschermend effect bij latere blootstelling aan toxische doses glutamaat (een chemische verbinding). Groei en herstel van cellen worden hierdoor gestimuleerd. - Histamine dilutions modulate basophil activation
Belon P. , Cumps J., Ennis M., Mannaioni P.F., Robertfroid M., Sainte-Laudy J., Wiegant F.A.C.. Inflammation research 53, (2004) 181-188
Onderzoek naar de biologische werkzaamheid van hoge verdunningen in vitro (in het laboratorium, met cellen). In 1999 wordt in 3 van de 4 laboratoria de uitkomst bevestigd dat histamine in hoge verdunningen (100 tot de 15e en hoger) een remmend effect heeft op de degranulatie (= uiteenvallen van de cel met vrijkomen van bepaalde inhoudsstoffen die een rol spelen bij allergische reacties) van basofiele granulocyten (gespecialiseerde witte bloedlichaampjes) ten gevolge van anti-IgE (antistoffen die deze degranulatie kunnen veroorzaken). Dit onderzoek is een verfijning van eerder onderzoek van Sainte-Laudy et al (1982, 1987) en Benveniste et al (1988).
Het onderzoek van Benveniste bracht de toenmalige wetenschappelijke wereld in rep en roer. Verdunningen waarin homeopathische grondstoffen niet meer aantoonbaar zouden zijn, bleken toch een biologisch effect te hebben! Een aantal gezaghebbende wetenschappers beschuldigden Benveniste openlijk van bedrog. Hierdoor werd Benveniste (die op immunologisch gebied een wereldnaam had opgebouwd) verguisd. Helaas heeft de wetenschappelijke wereld hem tot op heden nog niet gerehabiliteerd (wat verwacht zou mogen worden na de publicatie van de resultaten van het latere onderzoek van Belon e.a.)
Redactioneel commentaar van A. Falus, Inflamm.Res. 53 (2004) 179-180: " De uitkomsten (die deze onderzoeksgroep vond) wijzen er op dat hoge verdunningen inderdaad een biologisch effect zouden kunnen hebben. De auteurs zijn niet in staat om hun bevindingen te verklaren, maar willen anderen aansporen om dit terrein verder te verkennen. Het is met deze geest van openheid dat het tijdschrift, na het onderzoek aan een rigoureuze beoordelingsprocedure te hebben onderworpen, heeft toegestemd in publicatie."
Een overzichtsartikel over deze onderzoekslijn is verschenen in het wetenschappelijke tijdschrift Homeopathy, eind 2009: Sainte-Laudy L, Belon Ph, Inhibition of basophil activation by histamine: a sensitive and reporducible model fot the study of the biological activity of high dilutions. Homeopathy (2009) 98, 186-197. - Immunologisch onderzoek
De groep van Madeleine Bastide (universiteit van Montpellier) heeft een onderzoekslijn opgezet met diermodellen. Hierbij werden de effecten van homeopathisch gepotentieeerde potenties van immuunstoffen getest. (Zij spreken zelf over ‘dynamisaties’) Het blijkt dat de effecten van deze gepotentieerde immuunstoffen duidelijk meetbaar zijn. Er zijn verschillen aangetoond tussen de gepotentieerde oplossingen en controle groepen.
Zowel immuunreacties als endocrinologische mechanismen (waarbij hormonen een regulerende rol hebben) blijken te worden beïnvloed door homeopathisch gepotentieerde stoffen. Dit geeft inzicht in het aangrijpingspunt van homeopathie in het menselijk lichaam. De volgende stap wordt nu voorbereid. Die behelst humaan fundamenteel onderzoek, bijvoorbeeld naar de relatie tussen immunologie en klinische effecten. Hierbij worden nieuwe laboratoriumtechnieken (PCR methode) gebruikt, en immunogenetische innovaties in het kader van het Human Genome Project.