|
De 'Similia-wet'
De 'Similia-wet' is het principe waarop de homeopathie is
gebaseerd. Het stelt dat een kleine dosis van een ziektekiem het lichaam
aanzet om die ziekte te bestrijden.
Nederlandse onderzoekers
Van Wijk en Wiegant hebben aangetoond dat dit principe zelfs terug te
vinden is op de werking van de individuele cellen!
1. Cultured mammalian cells in homeopthic research-The similia principle in
self-recovery (1994) Utrecht.
Van Wijk R., Wiegant F.A.C.
Nederlandse samenvatting in:
'Het similia-principe, de hoeksteen van de homeopathie', Uitgeverij Homeovisie,
2000
Een belangrijke doelstelling van dit onderzoek is om aanknopingspunten te vinden
tussen het onderzoek naar homeopathische uitgangspunten en het biomedisch
wetenschappelijk onderzoek. In dit rapport is de fundamentele basis van de
homeopathie, het similia-principe in relatie tot herstel, onderwerp geweest van
onderzoek.
Dit onderzoek toont aan dat zelfherstel op cellulair niveau wordt gestimuleerd
door lage doses van bedreigende condities die volgens het similia-principe
werden toegepast. Daarmee is een belangrijke aanzet geleverd voor een
onderbouwing van de herstelmechanismen die ten grondslag liggen aan het
similia-principe.

Onderzoek met hoge verdunningen
Fundamenteel onderzoek
heeft aangetoond dat geneesmiddelen die zo vaak zijn verdund dat sommigen
denken dat er "niets" meer inzit, toch werkzaam blijken te zijn.
Dit betekent een doorbraak.
In 1994 is een onderzoek
naar het gelijksoortigheidbeginsel gepubliceerd, het principe van de
homeopathische geneeskunde. Het onderzoek is uitgevoerd op het niveau van de
cellen in het lichaam, onder andere door twee Nederlandse celbiologen, zowel
met hoge als met lage verdunningen. Het gelijk van het
gelijksoortigheidbeginsel wordt herhaaldelijk bevestigd
(zie 1 ).
In 2001 en 2004 wordt in onderzoeken de biologische werkzaamheid van hoge
verdunningen bij herhaling bewezen. Wetenschappers pleiten voor verder
onderzoek naar de verklaring van de activiteit van deze verdunningen (zie
2,3).
De groep van Madeleine Bastide (universiteit van Montpellier) heeft een
onderzoekslijn opgezet op immunologisch gebied. (zie 4)
1.Critical
review and meta-analysis of serial agitated dilutions in experimental
toxicology
Linde K. et al
Human and experimental toxicology 1994; 13: p.481-92. Overzichtsartikel
van onderzoeken met (homeopathische) verdunningen.
Linde en de zijnen onderzochten de literatuur of intoxicatie door een
bepaalde stof tegengegaan kan worden door toediening van een homeopathische
oplossing (gepotentierd) van diezelfde stof.
De auteurs geven aan dat het in dit veld tot dan toe gepubliceerde onderzoek
nog geen definitief uitsluitsel geeft. Desondanks zijn er voldoende aanwijzingen
om verder te onderzoeken of gepotentieërde oplossingen bescherming bieden
tegen intoxicatie.
2.
Neuroprotection from glutamate toxicity with ultra-low dose glutamate.
Jonas W., Lin
Yu, Tortella F.NeuroReport 12:335-339, 2001.
Blootstelling van zenuwcellen aan ultra-lage doses glutamaat hebben een
beschermend effect bij latere blootstelling aan toxische doses glutamaat
(een chemische verbinding). Groei en herstel van cellen worden hierdoor
gestimuleerd.
3. Histamine
dilutions modulate basophil activation
Belon P. , Cumps J., Ennis M., Mannaioni P.F., Robertfroid M., Sainte-Laudy
J., Wiegant F.A.C.. Inflammation research 53, (2004) 181-188
Onderzoek naar de biologische werkzaamheid van hoge verdunningen in vitro.
(In laboratorium- situatie, op celniveau). In 1999 wordt in 3 van de 4
laboratoriade uitkomst bevestigd dat histamine in hoge verdunningen (100
tot de 15e en hoger) een remmend effect heeft op de degranulatie (= uiteenvallen
van de cel met vrijkomen van bepaalde inhoudsstoffen die een rol spelen
bij allergische reacties) van basofiele granulocyten (gespecialiseerde
witte bloedlichaampjes) ten gevolge van anti-IgE (antistoffen die deze
degranulatie kunnen veroorzaken). Dit onderzoek is een verfijning van
een eerder onderzoek van Benveniste uit 1988.
Dit eerdere onderzoek van Benveniste bracht toentertijd de wetenschappelijke
wereld in rep en roer: verdunningen waarvan de aanwezigheid van homeopathische
grondstoffen niet meer aangetoond konden worden, bleken toch een biologisch
effect te hebben! Een aantal gezaghebbende wetenschappers beschuldigden
Benveniste openlijk van bedrog. Hierdoor werd Benveniste - die op immunologisch
gebied een wereldnaam had opgebouwd - verguisd. Helaas heeft de wetenschappelijke
wereld hem tot op heden nog niet gerehabiliteerd - wat verwacht zou mogen
worden na de publicatie van de resultaten van het latere onderzoek van
Belon e.a.
Red. commentaar
A. Falus, Inflamm.Res. 53 (2004) 179-180:
" De
uitkomsten (die deze onderzoeksgroep vond) wijzen er op dat hoge verdunningen
inderdaad een biologisch effect zouden kunnen hebben. De auteurs zijn
niet in staat om hun bevindingen te verklaren, maar willen anderen aansporen
om dit terrein verder te verkennen. Het is met deze geest van openheid
dat het tijdschrift, na het onderzoek aan een rigoureuze beoordelingsprocedure
te hebben onderworpen, heeft toegestemd in publicatie."
4.
Immunologisch onderzoek
De groep van Madeleine Bastide (universiteit van Montpellier) heeft een
onderzoekslijn opgezet. In diermodellen zijn de effecten van dynamisaties
(= potenties, trapsgewijs verdunde en bij elke trap geschudde oplossingen)
van immuunstoffen getest. Het blijkt dat de effecten van dynamisaties
duidelijk meetbaar zijn en verschillen van controleoplossingen en controle
groepen.
Zowel immuunreacties als endocrinologische mechanismen blijken te beïnvloeden
door dynamisaties; dit geeft inzicht in het aangrijpingspunt van homeopathie
in het menselijk lichaam. Humaan fundamenteel onderzoek, bijvoorbeeld
naar de relatie tussen immunologie en klinische effecten, wordt nu als
volgende stap voorbereid door nieuwe laboratoriumtechnieken (PCR methode)
en immunogenetische innovaties na het Human Genome Project.

Het 'geheugen' van water
Een aantal universitaire
onderzoeksgroepen heeft de structuur van water onderzocht; watermoleculen
hebben een dipolaire structuur (een min- en een plus-pool) en de polen
vormen via waterstof-zuurstofbruggen (verbindingen tussen waterstof -
H-atomen - en zuurstof -O-atomen) clusters oftewel klontering van watermoleculen.
Krachtig
schudden stimuleert de klontering van water, waardoor een structuur ontstaat.
Als je water schudt verschuift het dynamisch evenwicht tussen vorming
en afbraak van waterstof-zuurstof bruggen naar klontering.
Californische onderzoekers hebben na potentiëren (verdunnen mét schudden)
van zoutoplossingen deze structuur zichtbaar gemaakt met elektronische
microscopie en onderzocht met fysische meetmethodes zoals de bepaling
van de lichtabsorptie en de diëlectrische constante. De waarden verschilden
duidelijk met die van controle-oplossingen die verdund werden zonder te
schudden; het schudden lijkt dus essentieel voor alleen verandering .
Vervolgens is deze oplossing getest en nu blijkt het immuunactieve stoffen
als cytokines in menselijk bloed te beïnvloeden.
Deze waterstructuur kan kennelijk informatie opslaan en vrijgeven als
deze weer in contact met een biologisch systeem komt.
Thermodynamisch onderzoek in de groep fysische chemie in Napels laat vervolgens
zien dat sterke chemische verbindingen deze clusterstructuur kunnen verbreken,
waarbij warmte wordt afgegeven en gemeten via calorimetrie (toename van
entropie). Dit is een teken van de afbraak van een hogere organisatie
graad (de dynamisatie).
Het begrijpen van het werkingsmechanisme van sterk verdunde oplossingen
in het menselijke lichaam hangt dus nauw samen met het voortschrijden
van de kennis van water, het gebruikte oplosmiddel van homeopathische
potenties.
Recent onderzoek
door de Zwitserse chemicus Louis Rey toont aan dat water dat in aanraking
is geweest met een bepaalde stof iets andere natuurkundige eigenschappen
heeft dan gewoon water. Zelfs als de vloeistof zo sterk wordt verdund,
dat er van de toegevoegde stof geen molecuul meer over kan zijn, is het
effect meetbaar. Klik voor meer informatie op www.vpro.nl
en/of onderzoek
L. Rey.
1. Femtosecond
Mid-IR pump probe spectroscopy of liquid water: evidence for a two-component
structure
Woutersen S, U Emmerichs, H J Bakker (1997)
Science 278:658-660
2. Anomalous
state of ice
Lo, Shui-Yin (1996).
Modern physics Letters B vol 10, 19:909-919
3. Physical
properties of water with IE structures
Shui-Yin Lo, Angelo Lo, Li Wen Chong, Lin Tianzhang, Li Hui Hua, Xu Geng
(1996).
Modern Physics Letters B vol 10, 19:921-930
4. Induction
and regulation of human peripheral blood TH1-Th2 derived cytokines by
IE water preparations and synergy with mitogens
Bonavida, B en X H Gan (1997)
In: S Y Lo & B Bonavida, Proceedings of the first international symposium
on 'Physical chemical and biological properties of stable water IceElectromagnetic
clusters', 167-183. World Scientific, New Jersey
5. Thermodynamics
of extremely diluted aqueous solutions
Elia, Vittorio & Marcella Nicoli (1999)
Tempos in Science and Nature, Annals of the New York Academy of Sciences,
vol 879: 241-247
6. Thermoluminescence of ultra-high dilutions of lithium chloride
and sodium chloride
Louis
Rey (2003)
Physica A: Statistical mechanics and its applications, Vol
323,
67-74, DOI 10.1016/S0378-4371(03)00047-5
7. Bell IR, Lewis DA 2nd, Brooks AJ, Lewis SE, Schwartz GE (2003). Gas discharge visualisation evaluation of ultramolecular doses of homeopathic medicines under blinded, controlled conditions. Journal of Alternative and Complementary Medicine, 9:25–38.
8. Anick DJ (2004). High sensitivity 1H-NMR spectroscopy of homeopathic remedies made in water. BMC Complementary and Alternative Medicine, 4:15.
9. Datta S, Biswas SJ, Khuda-Bukhsh AR (2004). Comparative efficacy of pre-feeding, post-feeding and combined pre- and post-feeding of two microdoses of a potentized homeopathic drug, Mercurius solubilis, in ameliorating genotoxic effects produced by mercuric chloride in mice. Evidence Based Complementary and Alternatative Medicine, 1:291–300.
10. Elia V, Niccoli M (2004). New physico-chemical properties of extremely diluted aqueous solutions. Journal of Thermal Analysis and Calorimetry, 75: 815–836.
11. Binder M, Baumgartner S, Thurneysen A (2005). The effects of a 45x potency of arsenicum album on wheat seedling growth – a reproduction trial. Forschende Komplementärmedizin und Klassische Naturheilkunde, 12:284–291.
12. Klopp R, Niemer W, Weiser M (2005). Microcirculatory effects of a homeopathic preparation in patients with mild vertigo: an intravital microscopic study. Microvascular Research, 69:10–16.
13. Roy R, Tiller WA, Bell IR, Hoover MR (2005). The structure of liquid water; novel insights from materials research; potential relevance to homeopathy. Materials Research Innovations, 9-4:577–608
|